De Beemster is een polder met rechte wegen, verspreide bebouwing en geen echt centrum waar je langsrijdt. Voor de bedrijven die er zitten betekent dat iets fundamenteels: je hebt geen etalage.
Er komt niemand toevallig langs
Er is geen winkelstraat waar mensen je logo zien hangen. De aanloop die een zaak in een dorpskern vanzelf krijgt, bestaat hier simpelweg niet.
Alles wat binnenkomt, komt binnen omdat iemand je heeft aangeraden of omdat iemand je heeft gevonden.
Dat maakt je website geen aardigheid maar je enige etalage. En juist bij dit soort bedrijven is hij vaak het slechtst onderhouden, omdat het werk toch wel binnenkomt via het netwerk dat er al is.
Tot dat netwerk kleiner wordt. Of tot je iets nieuws wilt aanbieden waar je bestaande klanten je niet voor kennen. Dan blijkt dat je voor iedereen daarbuiten niet bestaat, en dat je geen andere manier hebt om dat te veranderen.
Schrijven voor wie je nog niet kent
Wat ik doe is de site inrichten op mensen die je nog niet kennen. Dat is de groep waar je hem voor nodig hebt.
Dat betekent: niet aannemen dat iemand weet wie je bent, wat je precies doet en voor welk gebied. Alles wat voor jou vanzelfsprekend is, moet er letterlijk staan.
Daarnaast is het werkgebied belangrijker dan de plaatsnaam. Iemand in de Beemster zoekt zelden op Middenbeemster, maar op de streek, of op Purmerend, of gewoon op wat hij nodig heeft.
Je site moet dus duidelijk maken hoe ver je komt en waar je werkt, in plaats van alleen te vermelden waar je gevestigd bent.
Denk daarbij ook aan de praktische dingen die je zelf niet meer opmerkt. Dat je erf lastig te vinden is zonder huisnummer op de kaart, bijvoorbeeld, of dat de oprit aan de andere kant van de dijk ligt.
Zo werk ik voor bedrijven in Middenbeemster, in de rest van de Beemster en voor klanten die ik nooit persoonlijk ontmoet. Eerst opschrijven wat voor jou vanzelfsprekend is, dan pas nadenken over vormgeving. Dat eerste is bij bedrijven zonder etalage bijna altijd de grootste winst.




















