Hoeveel domeinnamen heb je nodig?
Eén. Voor de meeste bedrijven is dat het hele antwoord.
Daarnaast kun je een paar varianten vastleggen die je doorstuurt naar je hoofddomein. Meer heeft geen zin.
Toch zie ik regelmatig bedrijven met vijftien domeinnamen die niets doen.

Welke varianten zinvol zijn
Een veelgemaakte typefout in je naam, en je naam met en zonder koppelteken als beide voor de hand liggen.
Stuur die door naar je hoofddomein, met een permanente doorverwijzing. Meer daarover lees je bij redirect.
Wat niet werkt
Tien domeinnamen met zoekwoorden erin, elk met een eigen sitetje. Dat werkte vroeger en werkt nu niet meer.
Je verdeelt je aandacht en je verwijzingen over tien zwakke sites in plaats van één sterke.
Waarom één beter is
Alle waarde komt op één plek terecht: je verwijzingen van buiten, je bekendheid en je inhoud.
Bovendien is er maar één site om bij te houden. Meer daarover lees je bij canonical url.
Mijn vuistregels
- Eén hoofddomein waar alles op staat.
- Varianten alleen als doorverwijzing, nooit met eigen inhoud.
- Gebruik permanente doorverwijzingen, geen tijdelijke.
- Ruim domeinnamen op die je nergens voor gebruikt.
Die laatste levert direct geld op en kost je vijf minuten per jaar.
Bij meerdere landen
Dan kan een extensie per land verstandig zijn, met per land een eigen vertaling. Dat is echt werk, geen kwestie van een domein vastleggen.
Doe het alleen als je in dat land ook daadwerkelijk actief bent.
Bij meerdere merken
Voer je twee duidelijk gescheiden merken, dan horen daar twee domeinen bij. Dat is geen versnippering maar een keuze.
Meer daarover lees je bij wat een domeinnaam is.
Reken dan wel op twee keer het onderhoud: twee sites, twee keer content en twee keer bijhouden.