Hoe voer je een A/B-test uit in WordPress?
Op twee manieren: met een plugin die het binnen WordPress regelt, of met een externe dienst die je met een klein scriptje inlaadt.
Voor een eenvoudige test op één pagina is een plugin het snelst. Voor doorlopend testen op meerdere pagina’s werkt een externe dienst prettiger.
In beide gevallen is er één ding dat je test kan slopen zonder dat je het merkt: je cache.

De twee routes
Een plugin maakt een tweede versie van je pagina aan en verdeelt je bezoekers daarover. Alles blijft binnen je eigen site en je hebt geen extern account nodig.
Een externe dienst laadt een scriptje in dat de pagina in de browser aanpast voordat de bezoeker hem ziet. Dat werkt op elke pagina, ook buiten WordPress om.
Met een plugin
Zoek een plugin die actief onderhouden wordt en die met je paginabouwer overweg kan. Maak eerst een kopie van de pagina, wijzig daar één ding, en koppel de twee aan elkaar.
Stel daarna in wat je meet. Een formulierverzending of een bedanktpagina is een betere maat dan een klik op een knop.
Met een externe dienst
Je plaatst één scriptje in de kop van je site en beheert de rest in de dienst zelf. Daar bouw je de variant met een visuele bewerker.
Voordeel: je kunt op elke pagina testen zonder er een kopie van te maken. Nadeel: er komt een extern script bij, en dat kost laadtijd.
Mijn vuistregels
- Sluit je testpagina’s uit van je cache, anders krijgt iedereen dezelfde versie.
- Meet op een echte conversie, niet op een klik.
- Test eerst zelf beide varianten op mobiel voordat je hem openzet.
- Zet de test uit zodra hij klaar is; laat geen scripts eeuwig meelopen.
Die eerste is de meest gemaakte fout. Een cache serveert iedereen dezelfde opgeslagen pagina, en dan komt je variant nooit in beeld.
Waar je op let bij snelheid
Een extern testscript laadt vroeg, want het moet de pagina aanpassen voordat de bezoeker hem ziet. Daardoor kan het je pagina merkbaar vertragen.
Controleer je laadtijd tijdens de test en niet alleen erna. Meer daarover lees je bij pagespeed.
Meten en afronden
Koppel je test aan je statistieken, zodat je de uitkomst kunt narekenen. De cijfers van een testprogramma en die van je statistiekenpakket lopen zelden precies gelijk.
Is de test klaar, verwijder dan de verliezende variant en het bijbehorende script. Meer over wanneer je stopt lees je bij hoe lang moet een A/B-test lopen.